maandag 18 januari 2010

Op vistite bij Mar de Egyptoloog (1)

Mijn beste vriendin en overbuurvrouw heet Mar. Zij is egyptoloog. Wij zien elkaar meestal wel even op zaterdagochtend, om even lekker bij te kletsen en om een bakkie te doen, en om onze gezamenlijke passie, het oude Egypte, te delen. Soms hebben wij zeer meerkwaardige gesprekken, ongeveer zoals dit gesprek, welke ik hieronder heb opgeschreven.

Bij mij kwam de interesse in het oud Egypte voort uit de Astrologie. Maar bij Mar is het aangeboren. Vanaf haar kindertijd is zij al bevlogen door de interesse in het oude Egypte en die passie heeft ze nog steeds en ze deelt het graag met mensen die ook deze interesse hebben. Van haar kan men zeggen dat zij alles, wat de oude Egyptenaren ons hebben nagelaten heeft gezien, gelezen, geteld, gemeten en gewogen!
Mar is bij veel belangrijke opgravingen geweest en bracht stukken van haar leven door in de grote musea van oudheden.

Alles wat Mar leerde is in haar hoofd gerangschikt met dezelfde zorg als een steekkaart in een kaartenbak van een bibliotheek.

Mar werd gevormd door haar universitaire studie en zij heeft oneindig veel eerbied voor het document en nog meer voor de erkende geleerden in haar vak. Ze zal dan ook, als je haar een ingewikkeld vraagstuk voorlegt gaat te rade gaan over wat collega’s al reeds over het vraag stuk schreven.

Soms steek ik wel eens de draak met deze eigenaardige geestesgesteldheid, van Mar, doch dat neemt zij mij nooit kwalijk.

Wat mij betreft ben ik door de zienswijze van Mar waarde gaan hechten aan Egyptologie, zonder allerhande betwistingen in te laten.

Zelf bezocht ik ook met vreugde de ruines, tempels en oude graven langs de oevers van de Nijl en trachtte ik mij in de atmosfeer van het oude Egypte in leven. Ik beleef er genoegen aan in mijn verbeelding het oude Egypte weer op te wekken, ontdaan door de eindeloze zwachtels van de mummies, om te zien hoe deze menen toen leefden.

Soms zeg ik wel een iets spottend tegen Mar, zoals ik afgelopen zaterdag deed; ”Ja, leuk hoor al die egyptologen, maar zoals jullie denken hoe het was is dus niet bewezen. Het zou best kunnen dat die goden echt bestonden. Wat heb ik aan een interpretatie van grafteksten met betrekking tot het dagelijks leven. Ik heb veel meer intresse in de mystieke beleving van het oude Egyte. Je maakt me ook niet wijs dat een Egyptoloog zich alleen maar voor Egypte interesseert, omdat hij alleen in kaart wil brengen hoe de mens die tijd leefde. Speelt er bij jullie egytologen dan geen hang naar mystiek? Mij maak je ook niet wijs dat de, dat die brave Egyptenaren slechts leefden om over het hiernamaals te mijmeren of te piekeren en hun te herlezen en aan te vullen. Er moet meer zijn geweest in het oude Egypte, dan alleen de ratio".

“mogelijk wel” antwoordde Mar lichtjes geraakt, "maar zonder teksten is het geen wetenschap en het streng wetenschappelijk terrein wens ik niet te verlaten".

Even later, nadat we opnieuw onze stokpaardjes bereden, liet Mar mij alleen in haar werkkamer om even iets bij de koffie te halen. Ondertussen doorbladerde ik een boek dat op haar tafel lag.
Zie hier, dacht ik bij mezelf, wat flinke technische literatuur mag heten! < Recueil de. Travaux Relatifs a la Philologie et a l'Archéologie Égyptiennes et Assyriennes > Veertigste band! Tering…Brrrr! Zou me niets verbazen als Mar de inhoud van deze veertig boekdelen grotendeels van buiten kent. Het is dan ook niet te verwonderen, dat zij zo nu en dan alle verbeeldingskracht heeft verloren!

Ik bladerde wat door het boek, mijn aandacht wordt onmiddelijk getrokken naar het woord “toverboek”. Ik lees een stukje over een studie van ene Gaston Maspero. Het betreft een toverboek uit het Romeinse tijdvlak, bewaard op een demotische papyrus, die zich gedeeltelijk in het Museum van Leiden en gedeeltelijk in het Brits museum bevindt. De afbeeldingen van de papyrus staat in zijn geheel afgebeeld in het boek.
Ik doorloop in diagonaal enkele pagina’s, om de papyrus te bekijken.
Opeens als door een wesp gestoken, spring ik op.
Aan de zijkant, op de afbeelding van papyrus, staat door Maspero duidelijk geschreven; Uitstekend, uitmuntend, beproefd!!

Waar gaat dit om vraag ik me af??
Eenvoudig over het aanroepen van de goden..of om het middel waardoor ze gedwongen worden onze vragen te beantwoorden?

Mijn vriendin Mar komt de kamer binnen. Ik spring op haar af en vraag meteen;
“Mar, heb jij dit beproefd"?
-Wat is er beproefd?
-Wat op de toverpapyrus van Leiden en Londen geschreven staat?
-Mar, ben je gek geworden?

Luister naar wat Mar over de aantekening vertelde:
"Uitstekend, uitmuntend, beproefd!! Men kan hierin een poging zien om de lichtgelovige lezer om de tuin te leiden > Maar waarschijnlijk is het, dat de kanttekenaar de voorschriften zelf toegepast heeft, of als dat niet geval is, dan heeft Maspero vernomen, van mensen, die proef op de soms hebben genomen, dat deze toverformules werken.
-En dan, wat zou dit bewijzen?
-Dat Mar gelooft, net zoals de vroegere bezitter van deze papyrus, dat de toepassing, van de voorschriften het gewenste resultaat zouden opleveren; de verschijning van de Goden??
-ik zeg je toch dat zoiets gek is, maar het is wel Maspero die dit heeft geschreven".

Ha..ha.. ik moest om Mar lachen, nu stak Mar de draak met mij…”welnu” sprak Mar; “zie hier een tekst, klaar en duidelijk, zoveel men wensen kan..en jij weigert er alle waarde aan te hechten. Waarom neem je zelf niet de proef op de som?"

"Mag ik dat boek van je lenen", vroeg ik Mar, "zodat ik er de voor mij begrijpelijke dingen uit kan halen, met betrekking tot deze toverspreuk?"

“Dan kan je beter de vertaling pakken, van Griffith en Thompson; ze beantwoorden aan al de regels van de filogie. Maar volgens mij verdoe je je tijd, door je neus in deze warboel te steken" antwoorde Mar.

Warboel, mag wel zijn, maar de oude tovenaar Maspero heeft geschreven; “Uitstekend, uitmuntend, beproefd”!! en hij kende de Egyptische taal minstens zo goed als Mar.

Ik ben naar huis gegaan, met het veertigste boekdeel van < Recuiel de Travaux > en de met vertaling door de twee Engelsen onder de arm.

Het is stervenswaar, toen ik aflopen zaterdagmiddag thuis kwam, sprak ik luidop tot mijzelf < Uitstekend, uitmuntend, beproefd!! > en toen ik de sleutel in de deur stak, zie ik overtuigd < Wij zullen zien wie gelijk heeft > Op dit moment kan ik nog niet vermoeden, welke onmogelijke taak ik me op de hals heb gehaald, door die oude toverspreuk te willen opvoeren.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Vergelijkbare Blogs

Related Posts with Thumbnails