vrijdag 18 november 2011

Mysteriespelen spelen? Wel even uitleggen graag!

Voor een overtuigend mysteriespel, met een krachtig effect, zullen de deelnemers behoorlijk op de hoogte moeten zijn van de inhoud van het spel. Daarom is het verstandig om voordat men begint uitleg te geven over het mysteriespel en over de symboliek die het vertegenwoordigt. Een mysteriespel is veel meer dan een reeks handelingen, symbolen en mooie woorden. De personages in het spel vertegenwoordigen bepaalde krachten. Die zou ieder zich vooraf eigen moeten kunnen maken. Dat duurt een poosje, anders krijg je het Custers-effect en dat wil niemand.

Zowel de kennis over de samenhang, als wel de achtergrond van de rollen in veel van de mysteriespelen, die Sterzoeker kent, zijn verbonden, jaja en dat is geen verrassing, met de Levensboom. Nou hoeft er niet eerst een hele cyclus Levensboom-lessen doorgenomen te worden, hoor, voordat men deze spelen wil uitvoeren, maar een minimaal inzicht is wel nodig. Een passiespel of een kerstspel gaat vrij makkelijk af, omdat er een zekere vertrouwdheid is met de personages en  met dat waar ze voor staan. Met Mitras, Dionysos, Balylonische of Egyptische spelen (om maar een dwarsstraat te noemen) is dat moeilijker. En dan is er nog het punt van de kostumering, het decor en het afgestemde geurwerk, plus de muziek. Een regisseur is dus nodig. Kies voor de te gebruiken atributen wel iets wat ook een beetje oogt, want fietsonderdelen of beddespijlen kenden men in het oude Egypte niet.

En toch is het te doen, als men er tijd in wil steken. Maar dat is eigelijk niet ongewoon. Elke toneelgroep doet er maanden over om een stuk goed neer te zetten. Gewoon beginnen, zou Sterzoeker zeggen.

Men moet bij het opvoeren van mysteriespelen ook niet het uiterste van de deelnemers vragen. Het moet wel aangenaam blijven. Ooit woonde Sterzoeker een Lamasritueel bij. Een van de deelnemers moest op een tafel liggen, onder een laken, op een bed van stro. En het was bijna 40 graden heet!!! Puur tekst werd er gelezen en die knaap maar peentjes zweten onder dat laken. Dat stro prikte overal en het was te heet, maar hij moest blijven liggen. Dat ritueel heeft bijna 4 uur geduurd en het was moordend vervelend. Sterzoeker drink al jaren geen bier meer, maar na afloop toch maar even zo'n enorm glas koel Duits bier in een teug naar binnen geslingerd. Midden in het ritueel brak de slappe lach uit, waarschijnlijk door uitdroging van de deelnemers.

Natuurlijk is het wel zaak, dat als men een mysterie spel opvoert, om de deelnemers vooraf  enige uitleg te geven over de symboliek die ze in het spel tegenkomen. In het gunstigste geval, als er er geen uitleg is gegeven en de symboliek wordt niet begrepen, is het een holle vertoning. En dan komt iedereen er nog goed vanaf. Het niet begrijpen van een uitgevoerde mysteriespel zal heel wat deelnemers behoorlijk in de war maken. Dan heb je kans dat ze voor een volgend spel niet meer terugkomen.

Wat hier gebeurt is in feite een wezensvreemde verering van natuurkrachten. De namen en symbolen haken niet aan bij onze culturele formattering. De wezenlijke kern van een ritueel of mysteriespel is dat je je emotie aan de godvorm(en) kunt verbinden. Vervolgens kun je ook je beeld van de godvorm maken en de taal volgt er achteraan.

Als er niets te herkennen is, van wat er in die rituelen mysteriespelen wordt opgevoerd, ondergaan mensen toch de sfeer en de invloed van zo'n gezamelijk ritueel. Wat dit dus in hun losmaakt heeft geen vorm en geen naam. Daarom is het ook te begrijpen waarom Egyptische mysteriespel bijvoorbeeld als ingewikkeld en moeilijk worden gezien. Ten eerste moet men de hele familiegeschiedenis van die goden kennen om de samenhang te vinden. De namen laten al helemaal geen belletje rinkelen, als men zich hier eerder niet in verdiept heeft. De eigenschappen zijn altijd gelinkt aan natuurkrachten, niet aan iets sociaals wat wij alle dagen meemaken. In feite moet je geest emigreren naar een vreemde cultuur en daar integreren om het (goden)leven en hun cultuur een beetje te snappen.

De meeste mensen willen helemaal geen emigrant in eigen geest worden. Wie wel? Dit snappen ze in de politiek ook niet, dat daar de hele integratiestrijd om gaat. Of misschien kunnen we beter zeggen: de weerstand tegen integratie. Zoiets duurt heel lang. Een geest moet eerst de nieuwe duiding van oude bakens (of symbolen) kunnen combineren met al dat wat vetrouwd is, anders is het bedreigend en dat gevoel is heel reeel. Dit is precies wat er in zo'n mysteriespel of ritueel ook gebeurt en daardoor raken mensen behoorlijk uit de koers.

Ben je beter op de hoogte van de achterliggende symboliek, dan kun je hier veel krachtiger mysteriespelen of rituelen van maken. Moeilijk is het niet. Ook moet het mysteriespel meer zijn dan wat verklede begroetingen en wat eerbetoon en klaar. De namen, de symbolen, en de attributen zijn meestal al door iemand anders beschreven. Wie hier zelf niet uit komt kan dus altijd boeken er op naslaan, of eventueel op internet googelen, op de gebruikte namen, symbolen, verhaallijn, of mythe, van het mysteriespel.

Gefundenes Fressen dus. maar men moet, als mysteriespel begeleider, toch echt een ei zijn om midden in het ritueel een tekst te zetten als; "laat de symboliek in je bewustzijn doordringen". Euh, dat was de hele opzet van deze blog,  dat is waar men uitleg over moeten geven, al voor dat men met het mysteriespel begon.

Altijd eerst goed lezen, vooronderzoek doen, om uitleg vragen, of geven dus, voordat men aan mysteriespelen begint!

dinsdag 15 november 2011

Ammit Humor





zaterdag 12 november 2011

Ammit, Eter van Harten

In het Egyptisch Dodenboek wordt het hiernamaals het Sekhet Hetepet genoemd. Om er te komen, moeten de ka (de levenskracht) en de ba (de ziel, voorgesteld als een vogel met een mensenhoofd) in de boot van de zonnegod Ra stappen. Overdag steekt hij de rivier van de hemel over, om 's avonds met zijn lading pas gestorvenen in het westen te arriveren.

Aan boord zijn twee hemelse veerlieden. Na van boord te zijn gegaan, moet de gestorvene zeven poorten passeren, elk bemand met een portier, een wachter en een bode. Vervolgens moeten de vele mysterieuze ingangen van het huis van Osiris worden begroet, voor ze open zullen gaan.

In de Zaal der Gerechtigheid zetelt Osiris op zijn troon, met daaronder het monster Ammit. Toth, God van de wijsheid treedt als aanklager op. De gestorvene mag zich zo lang verdedigen als hij wil. De overledene moest 42 verklaringen over zijn reinheid afleggen. Deze verklaringen stonden ook bekend als de negatieve Schuldbelijdenissen. Ze verklaarden dat de persoon gedurende zijn leven geen misdaden had gepleegd, zich niet oneerbiedig had gedragen jegens de goden of anderen onrecht had aangedaan.

De Negatieve Schuldbelijdenissen waren in zeker zin ook positieve bevestigingen, maar uiteindelijk zal zijn hart op een weegschaal worden gelegd, om het te wegen tegen het gewicht van een veer uit de hoofdtooi van de Godin van de waarheid. Als het hart te zwaar blijkt, zal het monster Ammit het opschrokken.

Ammit of Ammut was in de Egyptische mythologie de personificatie van goddelijke vergelding voor alle zonden die iemand gepleegd had tijdens zijn leven. Ze had een belangerijke functie bij het het wegen van het hart. Zij had de taak om de harten van doden te eten als deze niet zuiver was

Zij woonde in de Hal van Maat, in de onderwereld, Duat, nabij de weegschaal van rechtvaardigheid, waar de harten van de doden gewogen werden door Anubis tegen de Ma'at, het principe van waarheid en gerechtigheid. De harten van diegene die de test niet haalden werden aan Ammut gegeven om te verslinden, en hun zielen mochten Aaloe niet binnentreden. Zo moesten zij tot in de eeuwigheid rusteloos ronddwalen, aldus een tweede dood stervend. Volgens sommige verhalen zou ze zijn onthoofd door de beul vanOsiris, Shesmoe.

Ammit werd niet vereerd, en werd nooit beschouwd als godin. In plaats daarvan belichaamde zij de angsten van alle Egyptenaren, onder de dreiging van eeuwige rusteloosheid als zij niet het principe van de Maat volgden. Daarom is Ammit afgebeeld met het hoofd van eenkrokodil, de voorzijde van haar lichaam van een leeuw of luipaard, en met haar rug in de vorm van een nijlpaard, een combinatie van wat de oude Egyptenaren beschouwden als de meest gevaarlijke dieren. Zij wordt vaak beschreven als demon, maar in feite is ze een goede macht omdat zij het slechte vernietigt.

Haar rol komt terug in haar naam, die betekent Verslinder of, nauwkeuriger en minder eufemistisch, Botten-eter, en haar titels als Verslinder van de doden, Verslinder van miljoenen (Am-heh in het Egyptisch), Eter van harten en Grootheid van de dood. Ammit wordt ook vergeleken met meerdere goden. Bijvoorbeeld Toëris, een woest, vleesetend Nijlpaard. Of met Tawaret, die vergelijkbare fysieke kenmerken heeft, als metgezel van Bes. Hij hield iedereen van het slechte leven. En ook met Sekhmet, de woeste leeuwingodin. Zij dronk ook bloed en was de godin van de oorlog.

Als het hart gewogen was en niet te licht werd bevonden ging de overledene door op reis naar de "Velden van Riet" (ook wel Velden van Offerandes en het Schone Westen genoemd). Het was een geïdealiseerde versie van Egypte, maar dan vruchtbaar en veel groener. Wat is er tenslotte prettigere voor een ziel dan naar een vertrouwde plaats te gaan waar het beter is dan hij gewend was?

Niet alle geesten mochten de hemelse Velden van Riet betreden. Sommige werd de toegang ontzegd, waarna ze als "mut" (gevaarlijke doden) terug moesten naar het rijk der levenden. De mut waren de geesten van degenen die op ellendige wijze aan hun einde waren gekomen, zoals verrader, krijgsgevangenen, mensen die een gewelddadige dood waren gestorven, jonggestorven kinderen en mensen die op aarde hun doel niet hadden bereikt, of te veel zonden hadden begaan.

Er waren verschillende betoveringen die de levenden moesten beschermen tegen de wraak van ongelukkige doden, die over krachtige magie beschikten. Akhu konden ook in het paradijs ongelukkig worden, als nabestaanden hen onvoldoende herdachten. Als wraak gingen ze dan de nabestaanden lastig vallen. Deze brachten vervolgens offers en voerden ceremoniën op om de beledigde zielen gunstig te stemmen.

Iemand die veel zonden heeft begaan, wordt verstoten en zijn ziel moet voor eeuwig over de wereld ronddolen. Om te kijken of iemand veel gezondigd heeft, wordt het hart van de overledene gewogen. Wanneer dat zwaarder is dan een veertje, ben je de sigaar. Zonden wegen namelijk zwaar op de maag, eh.. hart.

En dit is nu precies de functie van Ammit: wanneer het hart te zwaar is, verscheurt zij het en daarna jaagt ze de ziel van de overledene weg. Ze zorgt er ook voor dat deze dolende zielen niet stiekem het dodenrijk in kunnen glippen.

Niet zo verwonderlijk dus dat die oude Egyptenaren een beetje bang waren voor Ammit!

dinsdag 8 november 2011

Maat en het Wegen van het Hart

Het hart was voor de oude Egyptenaren het centrale orgaan waarin het geweten zetelt. Hierin zetelden volgens hen ook het geheugen, de intelligentie, het gevoel, de verbeelding en het geweten. Het hart was voor de oude Egyptenaren het belangrijkste orgaan in het lichaam.Daar wordt alles opgeslagen: de lichte, zuivere en de slechte, zware daden bepalen het gewicht van het mensenhart.
Het wegen van het hart was in de Egyptische mythologie de benaming voor de ceremonie waaraan een overledene zich direct na zijn overlijden moest onderwerpen in de Hal van de Twee Waarheden. Voordat de gestorvene toegang kreeg tot het dodenrijk moest hij of zij verschijnen voor de rechter Osiris en 42 andere rechters, om zich te verantwoorden voor zijn of haar daden. Na de dood wordt het hart op een van de schalen van een weegschaal gelegd. In het midden van de hal stond een grote weegschaal.

Aan de ene kant van de weegschaal lag de Veer van de Waarheid. Aan de andere kant moest de dode zijn hart neerleggen. Anubis, de God van de doden, zat bij de weegschaal. Thoth, de god van de wijsheid, schreef de uitkomst van de test op en Osiris, de god van de onderwereld en de vruchtbaarheid, hield toezicht over dit alles. Het tegengewicht van het hart is de veer van de waarheid die door de godin Maat op de tweede schaal van de balans wordt gelegd. Is dit zo licht als een veertje dan kan de overledene direct door naar Osiris die de toegang geeft tot het dodenrijk. Het bezwaarde hart kan rekenen op een zwaardere overgang.

In hoofdstuk 30 van het Dodenboek wordt het hart dan ook opgedragen om geen leugens te vertellen. Maar het belangrijkste ritueel is het "wegen van het hart" in hoofdstuk 125 van het Dodenboek. Tijdens de mummificatie werd het hart altijd in het lichaam gelaten en werd het beschermd door een belangrijk amulet, de hartscarabee. Deze hartscarabee moest zorgen dat het wegen van het hart tegenover de godin van waarheid en recht zonder problemen zou verlopen. Op de achterkant van deze hartscarabee werd een tekst uit hoofdstuk 30 van het dodenboek afgebeeld. Waarmee de overledene smeekt dat zijn hart hem niet zal verraden. Deze spreuk gaat als volgt:

"Mijn hart, Mijn Moeder, die ik had ontvangen van mijn moeder, O mijn hart dat ik had op aarde, Sta niet op tegen mij als getuige in de aanwezigheid van de Heer der dingen; spreek niet tegen mij, over wat ik heb gedaan, breng niets tegen me tot stand, in het bijzijn van de Grote God, de Heer van het Westen."

Als het hart even zwaar was als de veer, mocht de overledene door naar de poorten van Yaru, het hiernamaals. Als het hart zwaarder was, sloeg de weegschaal door en kon het monster Ammit bij het hart en zij at het op. Een ander monster at het huis van de ziel op en de ziel alleen moest eeuwig over de aarde zwerven.

Het hart wordt hier gezien in verhouding tot het evenwichtsthema: in Egypte is dit evenwicht door de goden gegeven. Dit evenwicht werd voortdurend bedreigd door krachten die chaos brachten. Aanvankelijk was het alleen de farao die de goddelijke opdracht had om Maat te verzorgen voor het hele land en om haar in steeds vernieuwde vorm aan te bieden aan de goden. Dit was de voorwaarde voor het voortbestaan van de goden.

In latere periodes van de Egyptische cultuur werd het een goddelijke opdracht aan individuen die een bepaalde scholing hadden doorgemaakt. Of ze hun taak goed volbracht hadden werd in het leven na de dood door goddelijke rechters gecontroleerd bij het wegen van het hart. Waarachtigheid was de norm, de leugen een taboe.

De Egyptenaren geloofden dat de mens na de dood voortleeft en zijn daden worden gewogen naar de veer van Maat. Wie zonder zonden verschijnt voor de rechters der doden, zal leven als een god. De gevreesde proef, het wegen van het hart, wachtte alle gestorvenen in de andere wereld.

Nu was het wegen van het hart niet puur doorslaggevend. Zoals bij elke rechtszaak mocht de overledene zelf pleidooi houden voor zijn zaak, om de rechters te overtuigen van zijn rechtvaardigheid. Om de dode hiermee te helpen kreeg hij in zijn grafteksten en spreuken op papyrus (dodenboeken) mee die hem zouden helpen bij zijn verwoordingen.

De Egyptenaren vreesden dat slechts zeer weinigen zondeloos voor de opperste rechter zouden verschijnen. Daarom moesten de goden ertoe worden gebracht, de zonden kwijt te schelden en de zondaar te reinigen. De hoop hierop komt tot uitdrukking in de grafteksten (dodenboeken).

Deze Papyri (prachtige beschreven en beschilderde papyrusrollen) werden in de kist tussen de benen van de mummie gelegd. Dit moest de overledene ervan verzekeren dat hij toegang had tot de Vredige Velden en niet verslonden zou worden door de hellehond Ammit.

De overleden verscheen voor het tribunaal en zijn hart werd gewogen tegenover de veer van maat Bij het "wegen van het hart" (spreuk 125 van het Dodenboek) is de veer van Maät het tegengewicht. Iedereen die voor een god moest komen, diende in evenwicht te zijn met Maat.

Maat of Mayet haar naam betekent "rechtvaardige", "kosmische orde" of "waarheid", maat was in het oude Egypte een begrip die op de gehele samenleving toegepast werd. We zouden het kunnen zien als balans in evenwicht in alles wat werd gedaan.
Maät is dus de norm waarnaar men zich dient te gedragen, of wanneer zij het beeld willen volledig maken kunnen we er ook nog aan toe voegen: waarheid, correctheid, gerechtigheid, rechtschapenheid, orde. Maat was misschien niet het geweten van de Egyptenaar, maar wel de motor die zijn geweten aan het werk zette. Maat was de orde in de kosmos, in de natuur in het alledaagse leven, maar ook in de woorden, in de muziek in de kunst.

Maat was de beschermster van de kosmische orde; ze vertegenwoordigt de onvermijdelijke orde van de loop van de natuur. Ze was verantwoordelijk voor de cyclus van het leven, en vertegenwoordigde de belichaming van de wetten van bestaan, waarheid, recht en wereldorde. Ze werd Dochter van de zon en Koningin van de goden genoemd. Haar attribuut was een struisvogelveer, een embleem van de waarheid. Soms is ze geblinddoekt.

Zo oud als de schepping is Maat, voor de schepping bestond ze dus niet. Ze is van bij de goden naar de mensen toegekomen en wordt terug aan de goden aangeboden. Ze is een bron van vreugde voor de goden; zoals de koningin verbonden is met de koning, zo is Maat verbonden met de zonnegod. (Reeds zo vermeld in de Piramideteksten) Verbonden met de schepping zoals Hoe, het uitgesproken woord en Sia, het creatieve inzicht.

Maat is een abstractie van de kosmische orde waar de goden, koningen en bevolking zich aan moeten houden. Haar cultus had betrekking op de relatie tussen farao en onderdanen. In het alledaagse leven zorgde het begrip Maat er voor dat er min of meer een evenwicht was tussen arm en rijk. De koning moest zijn religieuze plichten vervullen voor een harmonieuze relatie met de goden. Ze werd met name vereerd door rechters; deze waren haar priesters. In diverse tradities werd de zonnegod Re of Ra haar vader genoemd.

Maat wordt echter ook weergegeven door een afgeschuinde basis, waarop bijvoorbeeld een godheid afgebeeld staat. De grondslag van godheid, het onontbeerlijke evenwicht, of de basis van de kosmische orde.

Maat was het licht dat Ra naar de wereld bracht. De schepping nam een aanvang toen Ra Maat, de orde, in de plaats stelde van de chaos. Vanaf dat moment was ook hij onderworpen aan haar kosmische wetten. De god Thot (Egyptisch Tehuti) gold als haar echtgenoot.

Prinsessen van koninklijke bloede droegen een rode veer, haar symbool, in het haar. De veer was het symbool van de waarheid: het hart, dat voor de toegang tot het dodenrijk werd gewogen, mocht niet zwaarder wegen dan de veer. Op papyrusrollen werd ze vaak voorgesteld als degene die de doden leidde naar de Hal van de Dubbele Maat. Hier vond zoals wij al beschreven het oordeel van de doden, dat wil zeggen het wegen van het hart, plaats. Maat werd soms opgevat als de veer waartegen het hart werd gewogen, maar ook wel als de weegschaal zelf.

zondag 6 november 2011

De 42 Rechters en het Wegen van het Hart

In de Egyptische Piramideteksten komt het idee van een godenrechtbank voor, waar de overledene verantwoording voor zijn doen en laten af moet leggen voor hij of zij tot het voortbestaan in het hiernamaals wordt toegelaten. In het Middenrijk (ca. 2000voor Christus) zijn er zelfs twee verschillende rechtbanken. Het zogenaamde ‘Negatieve Confessie’-oordeel berust op een religieuze traditie waarin de dodengod Osiris de hoofdrol in de rechtbank speelt. Bij de andere rechtbank steunt het oordeel op het gebruik van een weegschaal en speelt de zonnegod Re de hoofdrol. Beide rechtbanken komen voor in het Dodenboek.

De ‘Negatieve Confessie’
Osiris zit doorgaans het eerste rechterscollege voor, dat verder maar liefst 42 goden telt. Dit aantal heeft te maken met Spreuk 125 uit het Egyptische Dodenboek, waarbij de overledene 42 zonden opnoemt, die hij of zij niet begaan heeft (de ogenaamde ‘Negatieve Confessie’), Voor iedere zonde heeft hij een aparte godheid, met soms een raadselachtige naam, als anspreekpunt.

Dubbelklik op de afbeelding om deze in groot formaat te zien.

Hier volgen de zonden:
1. Gegroet, Maker van grote passen uit Heliopolis,
ik heb niet gezondigd;
2. Gegroet, Vuuromkranste uit Cher-Aha,
ik heb niet geroofd;
3. Gegroet, Goddelijke Snavel uit Hermopolis,
ik ben niet hebzuchtig geweest;
4. Gegroet, Schaduwverslinder uit de grotten waar de Nijl ontspringt,
ik heb niet gestolen;
5. Gegroet, Verschrikkelijk Uiterlijk uit de Dodenstad,
ik heb geen mensen gedood;
6. Gegroet, Leeuwenpaar uit de hemel,
ik heb niet met maten geknoeid;
7. Gegroet, Vuursteenoog uit Letopolis,
ik heb geen verkeerde dingen gedaan;
8. Gegroet, Achteruitgaande Vlam uit Memphis,
ik heb geen eigendommen van de god gestolen;
9. Gegroet, Bottenbreker uit Herakleopolis,
ik heb geen leugens verteld;
10. Gegroet, Vlammenzaaier uit Memphis,
ik heb geen voedsel weggenomen;
11. Gegroet, Grotbewoner uit het Westen,
ik ben niet slecht gehumeurd geweest;
12. Gegroet, Blikkertand uit de Fayum,
ik heb geen overtredingen begaan;
13. Gegroet, Bloedverslinder uit het slachthuis,
ik heb geen goddelijk vee gedood;
14. Gegroet, Ingewandenverslinder uit de Hal van de Dertig Rechters,
ik heb geen woekerwinsten behaald;
15. Gegroet, God van de Waarheid uit de Hal van de beide Waarheden,
ik heb geen broodrantsoenen geroofd;
16. Gegroet, Achteruitloper uit Bubastis,
ik heb niemand afgeluisterd;
17. Gegroet, Schitterende uit Heliopolis,
ik ben niet praatziek geweest;
18. Gegroet, Dubbel Kwaadaardige uit Busiris,
ik heb geen ruzie gemaakt,
behalve als het mijn bezit betrof;
19. Gegroet, Amenti uit het Slachthuis,
ik heb geen overspel gepleegd;
20. Gegroet, Die ziet wat hem gebracht wordt uit de tempel van Min,
ik ben niet onkuis geweest;
21. Gegroet, Vorst der vorsten uit Nehatu,
ik heb niemand geïntimideerd;
22. Gegroet, Vernietiger uit het Meer van Xois,
ik heb geen grenzen overschreden;
23. Gegroet, Spraakbevelhebber uit het heiligdom,
ik ben niet heetgebakerd geweest;
24. Gegroet, Kind uit het district van Heqa-Anedj,
ik ben niet doof geweest voor de waarheid;
25. Gegroet, Spraakbeschikker uit Oenes,
ik heb geen moeilijkheden gemaakt;
26. Gegroet, Basti uit de Geheime Stad,
ik heb geen onrecht door de vingers gezien;
27. Gegroet, Achteruitkijker uit het Graf,
ik heb niets sexueel verkeerds gedaan,
ik heb geen homoseksualiteit begaan;
28. Gegroet, Vuurbeen uit de Schemering,
ik heb niet gehuicheld;
29. Gegroet, Duistere in de Duisternis,
ik heb niet geruzied;
30. Gegroet, Offerbrenger uit Sais,
ik ben niet gewelddadig geweest;
31. Gegroet, Heer der gezichten uit Nedjefet,
ik ben niet opvliegend geweest;
32. Gegroet, Aanklager uit Oetjenet,
ik heb mijn karakter niet verkeerd voorgesteld,
ik heb de god niet gewassen;
33. Gegroet, Heer van de beide hoorns uit Assioet,
ik heb niet geroddeld;
34. Gegroet, Nefertem uit Memphis,
ik heb niets verkeerds gedaan,
ik heb geen kwaad gedaan;
35. Gegroet, Niets-overlater uit Busiris,
ik heb geen kwaad gesproken van de koning;
36. Gegroet, Die doet wat hij wil,
ik heb niet in het water gewaad;
37. Gegroet, Ihi uit de Noen,
ik heb mijn stem niet verheven;
38. Gegroet, Bevelhebber van de mensen uit Sais,
ik heb geen kwaad gesproken van de god;
39. Gegroet, Neheb-Nefert in zijn tempel,
ik ben niet opgeblazen geweest;
40. Gegroet, Neheb-Kaoe in de stad,
ik heb geen onderscheid gemaakt tussen anderen en mijzelf;
41. Gegroet, Opgerichte slang uit zijn kapel,
ik heb niet veel nodig gehad, behalve van mijn eigen bezit;
42. Gegroet, Armbrenger uit het Dodenrijk,
ik heb mijn stadsgod niet belasterd.

De Griekse schrijver Diodorus Siculus bericht in zijn Bibliotheek van de Geschiedenis (eerste eeuw voor Christus), dat bij iemands begrafenis dit oordeel letterlijk zo wordt uitgevoerd met 42 rechters. Hij vervolgt: “Voordat de kist met het lichaam aan boord [van de veerboot] wordt gebracht, geeft de wet iedereen toestemming om de dode ter verantwoording te roepen. Als er nu iemand opduikt die een beschuldiging uit, en aantoont dat de dode een slecht leven heeft geleid, dan maken de rechters hun beslissing openbaar en wordt het lichaam de gebruikelijke begrafenis geweigerd; maar als blijkt dat de aanklager een ongerechtvaardigde beschuldiging heeft geuit, wordt hij zwaar gestraft”. Deze onschuldverklaring moet zelfs voorafgaan aan het Mondopeningsritueel. Andere bronnen maken ook melding van getuigen in het voordeel van de overledene. Zo wordt als het ware (een deel van) het Dodengericht al in de ‘Bovenwereld’ voltrokken in plaats van in de Onderwereld.

Het Oordeel met de Weegschaal
Pas vanaf de 11de dynastie (ca. 2000 voor Christus) verschijnt ook de weegschaal als een essentieel onderdeel van het Dodengericht in de Onderwereldliteratuur. De bijbehorende rechtbank kan verschillende vormen aannemen, al naar gelang de verschillende religieuze tradities in het land. Hij bestaat doorgaans uit de zonnegod Re van Heliopolis als voorzitter en de zogenaamde Enneade, een groep van negen goden, doorgaans bestaande uit respectievelijk de schepper-god Atoem, de luchtgod Sjoe en de watergodin Tefnet, de aardgod Geb en de hemelgodin Noet, de zusters Isis en Nephthys en hun broers, de dodengod Osiris en Seth. Ook de goden Atoem of Nefertem, en zelfs de overleden farao de rechtbank voorzitten.

Daarnaast kunnen ook nog de vier Horuszonen Hapy, Doeamoetef, Kebehsenoeëf en Amset als begeleiders en bijzitters een rol spelen , net zoals de Godin van het Westen (waar in verband met de ondergaande zon de Onderwereld gelokaliseerd is) en de goden Maät, Anoebis, Horus en Thot. Dat wisselt met tijd en plaats. De rechtszitting speelt zich doorgaans af op een plaats die aangeduid wordt als ‘De Hal van de beide Maäts (= Waarheden)’.

Het aantal rechters bestond uit 42. Het getal 42 stond voor het aantal stamgoden van de nomen van Egypte, 20 in het noorden en 22 in zuiden. Wanneer er tegen Osiris werd gelogen werd men opgegeten door Ammit, een mythisch krokodilachtig wezen. Als men naar waarheid antwoordde dan mocht men naar de eeuwige velden.

Het getal 42 stond voor het aantal stamgoden van de nomen van Egypte, 20 in het noorden en 22 in zuiden.

Hier volgt een lijst met de 42 Goddelijke Rechters.

Nr Naam Identificatie Misdrijf
1. Grote-passen Heliopolis onrecht
2. Vlammen-grijper Cher-aha plunderen
3. Langneus Hermopolis afgunstig
4. Schaduwenverslinder De grot roven
5. Vreeswekkende-gelaat Rosetau doden
6. Dubbele-leeuw De hemel voedsel vernietigen
7. Met-vuurogen Letopolis verzaken plicht
8. Gloeiende Chetchet offers stelen
9. Bottenbreker Heracleopolis leugens
10. Vlammen-aanblazer Memphis voedsel roven
11. Holbewoner Het westen slecht gedragen
12. Witte tanden Fajoem overtreden
13. Bloed-voeder De slachtplaats heilig dier doden
14. Ingewandenvreter Plaats van dertig graan achterhouden
15. Rechtvaardigheid Maati brood gestolen
16. Dwalende Boebastis spioneren
17. Bleke Heliopolis verklikker
18. Kwaadaardige Andjeti geschil
19. Brandende Plaats des oordeels homoseksualiteit
20. Aanschouwer Tempel van Min ontucht
21. Leider-der-groten Imoe vrees opwekken
22. Afweerder Hoei overtreden
23. Onlustverwekker Heiligdom grootspraak
24. Kind Heqa-adj waarheid verduisteren
25. Voorspeller Wensi onbeschaamd zijn
26. Basti Schrijn gedogen
27. Gezicht-achter-hem Graf verdorven zijn
28. Brandend-van-been Schermering bedrog plegen
29. Duisternis-bewoner Duisternis vloeken
30. Offer-brenger Sais onbeschoft zijn
31. Gezichten Nedjefet onbezonnen zijn
32. Aanklager Oetjenet Verheffen tegen god
33. Gehoornde Assioet verklikker zijn
34. Nefertoem Memphis kwaad gedaan
35. Tem-sep Busiris koning beledigen
36. Handeld-in-hart Tjeboe terrein schenden
37. Vloeibare Noen luidruchtig
38. Bevelhebber Sais Godslastering
39. Goede-verschaffer Hoei Overschatting
40. Neheb-kau De stad Geselecteerd op kunnen
41. Schitterende-kop Het graf Eigen bezittingen
42. Ini-di-ef Necropolis god vervloeken

Het voornaamste attribuut is natuurlijk een grote weegschaal met aan één zijde van de verticale balk een loodje aan een touw, dat wanneer het een hoek van 90 graden met de horizontale balk maakt een exact evenwicht aanduidt. Het hart van de Overledene wordt afgewogen tegende veer van de godin Maät als symbool van de waarheid en de orde. De schrijver-god Thot, Anoebis of Horus kunnen allen de bediener van de weegschaal zijn. Thot is verderaltijd aanwezig om het resultaat vast te leggen.

Oproep aan het hart
Een Dodenboekspreuk betreft een oproep aan het hart om niet tegen de overledene te getuigen voor de rechtbank bij de weegceremonie, alsof het hart los staat van de dode: “Spreuk om het hart van [naam van de dode] zich niet tegen hem te laten verzetten in het domein van de god. Hij zegt:
Mijn hart van mijn moeder,
mijn hart van mijn moeder,
mijn borst die ik op aarde had,
treed niet als getuige tegen mij op voor de Heren van de Offers.
Zeg niet tegen mij ‘Hij heeft het echt gedaan’ over wat ik heb gedaan.
Beschuldig mij niet tegenover de grote god van het Westen.
Heil aan u, mijn hart;
heil aan u, mijn borst;
heil aan u, mijn ingewand.
Heil aan u, goden die de gekrulden voorzitten, en pak uw scepters.
Vertel Re mijn goede daden, en beveel me aan bij de slangengod Nehebkau.
Zie, hij is begraven tussen de groten, voortlevend op de aarde, en niet stervend in het westen (waar de zon ondergaat) maar daar een gezegende wordend”.

In Spreuk 30b wordt daar nog onder meer aan toegevoegd:
“Wees niet zwaarder dan ik voor de hoeder van de weegschaal”.
Vaak staat dit op een zogenaamde hartscarabee die op de borst van de mummie wordt gelegd recht boven het hart dat na het mummificeren in de mummie is teruggeplaatst.

Als alles in orde is, moet dat een exact evenwicht opleveren. Daarover moet de rechtbank beslissen en dan ook een uitspraak doen. Naast de al genoemde leden van die rechtbank is de overledene zelf, al dan niet vergezeld door zijn Ba (= levenskracht), uiteraard ook aanwezig.

Ammet

Daarnaast speelt een van de volgende goden een rol: Horus, Anoebis , Maät of de Godin van het Westen . Deze geleidt hem dan voor als een soort parketwachter. Zijn persoonlijke schikgodinnen Meschenet, Shai en Renenet zijn daarbij als getuigen vaak ook van de partij. Bij een positieve uitspraak van de rechtbank, volgend op een weegresultaat waarbij het hart in evenwicht is met de veer, mag de overledene zich verheugen op een aangenaam voortbestaan, maar bij een negatieve uitslag staat het vreselijke monster Amnet al klaar om hem te verslinden. Deze wordt meestal wordt ze afgebeeld als deels krokodil, deels leeuw en deels nijlpaard.

Op een enkele afbeelding zien we de ongelukkige al in de muil van Amnet. Een alternatief is om in de Vuurzee te verdwijnen, of aan andere ‘helle’-straffen onderworpen te worden. Overigens blijkt in veel gevallen dat men er praktisch automatisch van uitgaat, dat de dode ongeschonden uit het weegschaal-oordeel te voorschijn komt.

donderdag 3 november 2011

The Hall of Judgement

"O my heart which I had from my mother, O my heart which I had upon earth, do not rise up against me as a witness in the presence of the Lord of Things; do not speak against me concerning what I have done, do not bring up anything against me in the presence of the Great God, Lord of the West."

As my mortal life draws to a close
My soul descends to the realm of final judgment
The great Osiris, ruler of the dead oversees the proceedings
Forty Three deities to address
Each with a question that will put me to the test
Toth the wise will, scribe all details in full
The big question arises in my head
Will I be granted access to the fields of Hetep and Iaru

...Or will Ammit devour my heart
The moment of truth
My heart is placed on the scale weighed against the feather of truth
I hold my breath.......
The scales tip
Ma'at shields her eyes from my truth
As the final judgment is passed
Ammit snatches and devours my heart
With a grave face Wepwet guides me into the arms of Nun
In the empty darkness of the Nun I cease to exist

Ang El Ani

maandag 31 oktober 2011

Lamed, Weegschaal van alle Goddelijke Paden

De lammed ל is de twaalfde letter uit het Hebreeuws alfabet. De letters van het Hebreeuws alfabet komen ook overeen met cijfers, de letter lammed is de Hebreeuwse dertig.

De letter Lamed is een combinatie van de letters Wav en Kaf. Volgens de Kabbalah (Sefer Hatikkoetiem) is de Lamed te vergelijken met een vliegende toren. Volgens deze leer staat de Kaf van de Lamed voor de mens die uit de Goddelijke ziel en dierlijke ziel bestaat waarvan ieder vorm uit 10 onderdelen bestaat: dus samen 20. De Waw van de Lamed is de woning van God tussen hen in. De getalswaarde van de Kaf is 20. Wanneer God tussen hen verblijft, voegt Hij Zijn 10 Sefiroth eraan toe en samen vormen zij de gehele Lamed: 30.

Interessant te vermelden is dat het woord voor balans in de kabbalah, lamed, "doceren" betekent. Niet alleen doceren in de zin van lesgeven, maar ook doceren, in de zin van evenwicht vinden. Leven in balans is dus een leermiddel. Het pad van Lamed wordt in de kabbala ook wel weegschaal van alle goddelijke paden genoemd.

Misschien is dat de reden waarom de Zohar de Lamed de vliegende toren (door de lucht) noemt. De Wav van de Lamed staat voor het Goddelijke, het geestelijke, dat hoog in de lucht te vinden is. De Wav is als het ware een helling die de Goddelijke geestelijke invloeden en koninkrijken in deze fysieke wereld doet neerdalen. Het menselijke van de Kaf van de Lamed wordt met datzelfde Goddelijke en geestelijke beïnvloed. Het geestelijke en het fysieke worden hierdoor samengevoegd in de Lamed. Deze samenvoeging van het geestelijke en het fysieke doordringt de Lamed om met een zachtaardige praktische wijze te onderwijzen. De opdracht aan de mens is om in balans, de verbinding te vinden tussen beide werelden.

Een andere lezing verteld dat Lamed de arm symboliseert, uitgestrekt of opgeheven en de betekenis daarvan is Macht. Alles wat verheven is en zich doel geldt in Gerechtigheid. Het betekent ook een zweep en dan in het bijzonder de Koninklijke Gesel, welke in de hand van de Pharaoh aangetroffen wordt.

Lamed is de Avondstond, de rijpe ervaring in evenwicht en kalme rust, de zachtgloeiende vuur-glans van de Zon, wanneer zij ter kimme daalt. Tussen deze beide momenten staat het Kind, Horus, de Heer der Twee Horizonten, de Zon in het Zenith. het stralend Oog van de Dag. In Horus zijn Osiris en Isis verbonden en in hem zullen zij beiden sterven wanneer Hij hun beider erfenis, hun kracht en beginsel, heeft ontvangen. Hij is het die de Wateren beroert, Heer van het Ziels-mysterie, dat mannelijk en vrouwelijk beide is.

Horus is ook Harpoerates, de ziel-genezer, omdat Hij het conflict in onze ziel, dat altijd die tegenstelling tussen denken en voelen, tussen ratio en sentiment betreft, kan oplossen en tot een hoger synthese brengen. Hij is ook de Koning van de Dag en als Hij wordt afgebeeld in een vorstelijke houding, staat Hij met voor de borst gekruiste armen en in de handen houdt Hij de Ankh, het levensteken, en de Ankhnsha, het dood-symbool.

De letterlijke betekenis van het woord lamed is echter prikstok of ossenstok. Daarmee werden de dieren aangespoord om in beweging te komen. De Ossenprikkel prikkelt De Os/De Dwaas en staat zo in rechtstreeks contact met de oerbron. Bovendien wordt De Os/De Dwaas daarmee in beweging gezet onder De Afgrond. De lamed heeft de vorm van een herdersstok, met gebogen uiteinde. Herders gebruikten dergelijke staf om de kudde te leiden. De afgeleide betekenis is niet verrassend: leren, studeren, onderwijzen.

Het woord lamed omvat twee aspecten: onderwijzen en studeren. Alsof je niet kunt onderwijzen zonder zelf te leren! Ook in de opvoeding een belangrijk gegeven...
Het samengaan van "prikstok" (in beweging brengen) en "leren" suggereert dat studie moet leiden tot daden, en geen droge theorie mag blijven.

De letter lamed is de enige letter die boven de andere uitsteekt, en ook boven de denkbeeldige lijn waaraan alle letters van het hebreeuwse alfabet opgehangen zijn. Vanuit dit beeld wordt o.a. onderstreept dat leren of onderrichten zich niet mag beperken tot het strikt toezien dat er "binnen de lijnen" gebleven wordt.

De vorm van de letter Lamed wordt wel eens in verband gebracht met het leerproces. Als men onderaan begint, ziet men dat het is alsof men langzamerhand meer en meer omhoog klautert. Maar dat gaat niet altijd langs rechte lijnen. Op een zeker moment bereikt men een bepaald niveau en lijkt het alsof men een lange tijd daarop blijft staan. Maar dat geeft wel kracht aan het leerproces. Dat wordt steeds intensiever. Daar verdikt zich de letter. En dan ineens beseft men dat er meer gebeurt.

Het leren lijkt te leiden tot een bijna mystieke ervaring die de ziel verheft en die niet in woorden is uit te drukken. Maar men kan ook bovenaan beginnen. Al lerend duikt men meer en meer de diepte in. Op een bepaald moment bereikt men een diepte waar men zich ineens in een geweldige ruimte voelt en waar men ook de ander ontmoet en herkent. Maar sommige mensen gaan verder en komen tot onvermoede ervaringen van diepte. Dat is genade. Maar dat is niet altijd voorspelbaar. Het gaat zeker niet langs rechte lijnen.

Lamed is een letter met een diepzinnige betekenis. Hij staat zoals we al schreven voor leren en onderwijzen. Het verzamelen van kennis en het doorgeven daarvan wordt gezien als een van de hoogste menselijke kwaliteiten. Het gaat hierbij vooral ook om de geestelijke kennis, zoals in Spreuken 2:6.

Als er staat dat David dertig jaar is betekent dit dat hij in de fase van zijn leven is gekomen waarin hij kan putten uit gerijpte kennis en die kennis ook kan overdragen. David werd koning toen hij 30 jaar was.(2 Samuël 5 : 4).
Jozef werd onderkoning van Egypte toen hij 30 jaar was. (Genesis 41 : 46)
Ook van Jezus wordt verteld dat hij dertig jaar was toen hij begon met verkondigen van het evangelie. (Lukas 3 : 23)
De ark van Noach was De hoogte was 30 ellen.

Bij het getal 30 in de Bijbel wordt iets geactiveerd, in gang gezet, komt iets/iemand in beweging. De letter lamed is ook een voorzetsel, dat duidt op een richting. Het gaat ergens naar toe. Als je leven in het teken staat van het permanent leren, van het voortdurend bezig zijn met het leren, dan transformeert het leven.

Er is een woord dat regelmatig terugkomt in het boek Deuteronomium, het boek met onderricht vóór Israël het beloofde land intrekt: "leren"'. In het hebreeuws staat hier het werkwoord LAMAD. Daar komt ook de naam de letter Lamed vandaan. Ook in het belangrijke hoofdstuk 6, de centrale geloofsbelijdenis van Israël, met de nadrukkelijke vermelding om er ook de kinderen bij te betrekken, begint Mozes met het woord "leren" (vers 1).

op 14 plaatsen wordt in de bijbel over Lamed gesproken:

Klaagliederen 1: 12
lamed. Gaat het ulieden niet aan, gij allen, die over weg gaat? Schouwt het aan en ziet, of er een smart zij gelijk mijn smart, die mij aangedaan is, waarmede de HEERE mij bedroefd heeft ten dage der...
Klaagliederen 2: 12
lamed. Als zij tot hun moeders zeggen: Waar is koren en wijn, als zij op de straten der stad in onmacht zinken, als de verslagenen; als zich hun ziel uitschudt in den schoot hunner moeders.
Klaagliederen 4: 12
lamed. De koningen der aarde zouden het niet geloofd hebben, noch al de inwoners der wereld, dat de tegenpartijder en vijand tot de poorten van Jeruzalem zou ingaan.
Spreuken 31: 21
lamed. Zij vreest voor haar huis niet vanwege de sneeuw; want haar ganse huis is met dubbele klederen gekleed.
Psalmen 111: 6
Caph. Hij heeft de kracht Zijner werken Zijn volke bekend gemaakt; lamed. hun gevende de erve der heidenen.
Psalmen 112: 6
Caph. Zekerlijk, hij zal in der eeuwigheid niet wankelen;lamed. de rechtvaardige zal in eeuwige gedachtenis zijn.
Psalmen 145: 12
lamed. Om den mensenkinderen bekend te maken Zijn mogendheden, en de eer der heerlijkheid Zijns Koninkrijks.
Psalmen 37: 21
lamed. De goddeloze ontleent en geeft niet weder; maar de rechtvaardige ontfermt zich, en geeft.
Psalmen 34: 11
(34:12) lamed. Komt, gij, kinderen! hoort naar mij! ik zal u des HEEREN vreze leren.
Klaagliederen 3: 36
lamed. Dat men een mens verongelijkt in zijn twistzaak; zou het de Heere niet zien?
Psalmen 119: 89
lamed. O HEERE! Uw woord bestaat in der eeuwigheid in de hemelen.
Klaagliederen 3: 34
lamed. Dat men al de gevangenen der aarde onder Zijn voeten verbrijzelt;
Psalmen 25: 11
lamed. Om Uws Naams wil, HEERE! zo vergeef mijn ongerechtigheid, want die is groot.
Klaagliederen 3: 35
lamed. Dat men het recht eens mans buigt voor het aangezicht des Allerhoogsten;

De lamed is de laatste letter van de Torah. Samen met de eerste letter uit de Torah, de beth, vormt hij het woord hart.

Vergelijkbare Blogs

Related Posts with Thumbnails