zondag 14 augustus 2011

Het Eerste Uur van de Amduat

"Stroom van Ra" is de naam van het eerste gebied van de Duat. Somber is dit land, maar niet helemaal donker; want aan elke kant van de rivier liggen zes slangen, opgerold en de koppen rechtop, en de adem van haar monden is een vuurvlam.

In de kajuit van de Boot ligt Ra, dood en levenloos; op de voorsteven bevinden zich Up-uaut, de Wegbereider en Sa en de godin van de tijd. Dicht bij de kajuit bevindt zich een gezelschap goden; dit zijn degenen, die Ra behoeden voor alle gevaren en voor de aanval van de afschuwelijken Apep.

Langzaam glijdt de Boot van Ra voort door de Duat naar plaatsen van diepe duisternis, van afgrijzen en schrik, waar de doden hun woonplaatsen hebben en Apep de komst van Ra ligt af te wachten. Zoo gaat het eerste uur van de nacht voorbij en het tweede uur nadert.

Aan de ingang van elk gebied van de Duat is een poort; hoog zijn de muren en nauw is de doorgang; op de muren staan speerpunten, scherp en spits, opdat geen mens er over kan klimmen.

De deur van de poort is van hout en draait om een spil en een monsterachtige slang bewaakt de deur. Niemand mag voorbij haar gaan, behalve zij, aan wie haar naam bekend is. Bij de bocht van de doorgang liggen twee grote gekamde slangen, de een boven, de ander onder. De adem van haar mond bestaat uit vuur en vergif; door het nauwe portaal zenden zij van beide kanten stromen vuur en vergif.

Aan ieder eind van de doorgang staat een wachter, die wacht houdt. Dan maakt de godin van het eerste uur plaats voor de godin van het tweede uur en zij roept luid de naam van de Wachter bij de poort. Wijd worden de deuren opengeworpen, het vuur en het vergif houden op en de Boot van Ra vaart er door.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Vergelijkbare Blogs

Related Posts with Thumbnails